Zo creëer je een duurzaam interieur

Meubels die er al na enkele jaren afgeleefd beginnen uit te zien, apparaten die steeds sneller de geest geven, decoratiespullen die nauwelijks één seizoen meegaan … Met onze interieurs creëren we zonder het goed te beseffen een gigantische afvalberg. Bovendien kost het energie om al die zaken te vervaardigen en (vaak vanuit China) hierheen te verslepen. Dat kan beter: enkele tips om je interieur te verduurzamen.

We beginnen in het hart van het huis: de woonkamer. Vaak staan er heel wat meubels die er in de brochures dan wel prachtig uitzien, maar die in de praktijk slecht verouderen. Omdat bijvoorbeeld het plaathout waaruit ze zijn gemaakt snel verslijt en lelijk wordt. Of omdat ze niet zo stevig in elkaar gezet zijn en algauw gammel worden. Opgelet: lang niet alle plaathout is per definitie kwalitatief minderwaardig, maar zeker in het goedkope meubelsegment willen de fabrikanten weleens besparen op kwaliteit.

Duurdere meubels

Voor duurdere meubels gaan dan maar? De kans dat ze het veel langer uitzingen dan de goedkopere exemplaren is reëel, waardoor ze op het einde van de rit misschien wel goedkoper zijn omdat je ze niet of minder vaak moet vervangen. Anderzijds moet je wel wat kennis hebben om de technische kwaliteiten van een meubel te beoordelen. Het kan immers zomaar zijn dat het duurder is omdat het ontworpen is door een designer met naam, maar voor de rest niet of nauwelijks beter is dan een gelijkaardig stuk dat veel betaalbaarder is.

Antiek

Al is er een categorie van meubels waarvan je wel zo goed als zeker bent dat ze van goede kwaliteit zijn: antiek. Die stukken hebben immers al hun deugdelijkheid bewezen door decennia van gebruik. Bovendien werden ze veel steviger gemaakt in vaak ambachtelijke ateliers. Onze voorouders kochten immers meubels die een leven lang (en het liefst nog veel langer) moesten meegaan. Bovendien is veel antiek tegenwoordig verrassend betaalbaar.

Kringloopmeubels

Vind je antiek toch te duur, te statig, te zwaar, te oubollig, dan kun je nog altijd naar de kringwinkel trekken. Toegegeven, veel van de meubels die je daar vindt, zijn lang niet zo stevig als echt antiek, maar door deze vorm van recycling verklein je wel de afvalberg. Bovendien zijn kringloopmeubeltjes vaak makkelijker te pimpen: echt antiek zal je niet makkelijk met verf of hamer en beitel te lijf gaan, terwijl je in een meubeltje van veel minder waarde al sneller de zaag durft te zetten. Online vind je oneindig veel filmpjes om er creatief mee aan slag te gaan.

Decoratie

Wees in de woonkamer zuinig met decoratie. Halloween, Sinterklaas, Kerst, Pasen, de wisseling van de seizoenen …: interieur- en online winkels verleiden ons bij elke mogelijke gelegenheid met een heuse tsunami aan leuke decoratiespulletjes. Die vaak al na één seizoen in de vuilnisbak verdwijnen, of in het beste geval in dozen op zolder of in de kelder gestouwd worden. Dan huldig je beter het principe van less is more: ga voor enkele mooie, stijlvolle spullen die je telkens weer op het gepaste moment bovenhaalt, en laat de rest stilletjes aan je voorbijgaan.

Onmisbare toestellen

Intussen zijn we in de keuken beland. Ook hier kunnen we flink ontspullen. Vraag je af wat je écht nodig hebt in een keuken. De kans is groot dat je er een hoop zaken vindt die je niet of nauwelijks gebruikt en die zo naar de kringwinkel kunnen. Want de verleidingstrucs van fabrikanten van zogenaamd handige en onmisbare toestellen én onze cadeautjescultuur hebben ons opgezadeld met een hoop rommel. Maak je keuken dus meer zen, met enkel een paar goedgekozen en energiezuinige apparaten. Ga voor kwaliteit in plaats van kwantiteit.

Tweede leven voor kastjes

Beginnen je keukenkasten er te versleten of ouderwets uit te zien, overweeg dan, als de structuur nog goed is, om enkel de deurtjes en fronten te vervangen. Hetzelfde geldt voor de badkamer: een oubollige badkamer die voor de rest nog goed is, kun je met enkele eenvoudige ingrepen opfrissen. Ze zal er dan wellicht niet helemaal uitzien als in chique interieurmagazines, maar doet voor het overige prima wat ze moet doen, en nog voor vele jaren.

De gouden tip

Al blijft in de badkamer dé gouden duurzame tip: installeer een spaardouchekop. Je verbruikt er niet alleen beduidend minder water door, maar spaart meteen ook de energie uit om dat water op te warmen. Dat is twee keer flink wat winst voor een investering van hooguit een paar tientallen euro’s.